Herkomstonderzoek naar museale collecties in verband met roof, confiscatie of gedwongen verkoop in de periode 1933-1945

menu Skip over navigation | Sla menu over

Voormalig onderzoek 1940-1948

naar onderzoeksoverzicht

Reactie Museum

Het museum heeft kopieën opgestuurd uit de inventarisboeken van de voormalige Oudheidkamer Oldenzaal over de jaren 1941 en 1943-1946. Voor de andere jaren uit de periode 1940-1948 heeft het museum een nieuwe aanwinstenlijst opgesteld, in verband met hiaten in de oude inventarisboeken.

Bij het herkomstonderzoek heeft het museum gebruik gemaakt van de reeds genoemde inventarisboeken, en van het brievenboek over de periode 1940-1948. Er zijn geen andere bronnen bekend die herkomstgegevens kunnen bieden.

Metaalvordering

Als punt van aandacht meldt het museum dat het in 1942 enkele tientallen tinnen en koperen voorwerpen heeft aangekocht in Utrecht. Deze voorwerpen waren afkomstig uit de door de bezetter verordonneerde metaalinzameling (zie paragraaf 4.6, ‘Ingeleverd metaal in Nederlandse musea’). Het is onbekend wie de voormalige eigenaars van de objecten waren. Er zijn geen aanwijzingen dat particulieren na de bevrijding metalen voorwerpen hebben opgeëist. De objecten zijn allen nog in het bezit van het museum.

Achtergebleven bewaarneming

Tijdens de oorlog bevonden zich in de Oudheidkamer enige bewaargevingen en bruiklenen van Joodse families. Het betrof boeken, wetsrollen en andere religieuze voorwerpen. De betreffende voorwerpen zijn volgens het inventarisboek van 1945/1946 ‘voor het grootste deel weer [..] teruggegeven’. Wat in de verzameling van de Oudheidkamer achterbleef, was een klein olieverfportret van rabbi I. Krukziener uit Oldenzaal (afb. 3 [CAPTION Anoniem, 19e eeuw, Portret van Isak Cotzin (1817-1899), van 1836 tot 1875 onder de naam Izak Krukziener, rabbijn te Oldenzaal(rebbe Itzig Oldenzel), Historisch Museum het Palthehuis, oldenzaal, foto Ben Oude Scholten, Oldenzaal).[200] Dit schilderij was in 1941 aan de Oudheid- kamer in bruikleen gegeven door de voorzitter van de Oldenzaalse Joodse Gemeenschap. Het kunstwerk zou vroeger in de synagoge hebben gehangen.

Het portret van de rabbi maakt deel uit van de huidige museumcollectie (zie ook paragraaf 4.5). Voor zover bekend is er na de bevrijding geen overleg gevoerd over teruggave van het kunstwerk. Het Historisch museum Het Palthe-Huis bericht dat de Oldenzaalse synagoge na de oorlog niet meer is heropend, en is overgedragen aan de Enschedese Israëlitische Gemeenschap.[201] Deze heeft de synagoge in 1951 aan de gemeente Oldenzaal verkocht, waarna de synagoge in 1964 is afgebroken.

Oorlogsbuit

In het inventarisboek van 1945/1946 wordt vermeld dat de oudheidkamer enige meubels heeft aangekocht van de Nederlandse Staat, ‘zijnde oorlogsbuit’ (zie paragraaf 4.8, ‘Naoorlogse verwervingen via Nederlandse overheidsinstellingen’). Over deze voorwerpen heeft het museum geen correspondentie aangetroffen. De betreffende meubels bevinden zich niet meer in de huidige collectie.  

Aanvullende reactie

De commissie heeft geen reactie ontvangen op de brief van 5 september 2000 over het portret van Rabbi L. Krukziener en de daarin gesuggereerde overdracht aan de Israëlitische Gemeenschap te Enschede.