Herkomstonderzoek naar museale collecties in verband met roof, confiscatie of gedwongen verkoop in de periode 1933-1945

menu Skip over navigation | Sla menu over

Voormalig onderzoek 1940-1948

naar onderzoeksoverzicht

Reactie Museum

Het museum heeft kopieën van het aanwinstenboek over de periode 1940-1948 toegestuurd. Het museum bericht dat het reeds in de winter van 1997-1998 een studie heeft verricht naar mogelijk problematische verwervingen, in het kader van een onderzoek van De Nederlandsche Bank naar de herkomst van haar muntenverzameling.[192] Het Koninklijk Penning kabinet heeft bij het herkomstonderzoek geen onregelmatigheden geconstateerd.

Bruiklenen uit Joods bezit

In 1942 liet het toenmalige Rijkskabinet van Munten, Penningen en Gesneden Steenen te ‘s-Gravenhage aan het Departement van Opvoeding, Wetenschap en Kultuurbescherming weten dat het geen voorwerpen van Joodse eigenaars in bruikleen had (zie paragraaf 4.3, ‘Het Rijksfonds voor de aankoop van Joods bezit’).[193] Het Rijksmuseum Het Koninklijk Penningkabinet wijst er in dit kader op, dat de toenmalige museumdirecteur nationaal-socialistische sympathieën had. Dit was destijds algemeen bekend.